Antioxidanten - Wat verbergt zich achter de E-nummers
Dit dient enerzijds gezondheidsdoeleinden, aangezien het risico van het consumeren van bedorven voedsel voor de consument aanzienlijk verminderd wordt. Anderzijds vormt het toevoegen van oxidatiebestrijdingen in voedingsmiddelen ook een economisch aspect, aangezien overeenkomstig behandeld product langer verkocht kan worden en daarmee de winstmarge van de industrie verhoogd wordt. Zo kunnen producten ook goedkoper aan de eindconsument aangeboden worden. Naast de conserverende functie wordt aan antioxidanten ook een gezondheidsvoordelige werking toegeschreven, aangezien ze - net als in voedingsmiddelen - het celveroudering proces in het lichaam vertragen door vrije radicalen te binden. Zo kan bijvoorbeeld door de beperking van LDL-cholesteroloxidaties in het bloed arterioscleroseziekten worden voorkomen.
Tussen nut en belasting
Om een evenwicht tussen nut en belasting voor de consument te behouden en een gezondheidsbedreigende gebruik van antioxidanten uit te sluiten, zijn er bepaalde richtlijnen waaraan voedselproducenten zich moeten houden. Naast het noodzakelijke toevoegen van een toevoegsel aan het product en de garantie dat dit in een gezondheidsonbenadelende hoeveelheid gebeurt, is de producent verplicht om de toevoer van antioxidanten aan een product door de zogeheten E-nummers te declareren. Hierbij maakt het niet uit of het een natuurlijk voorkomend of industrieel gemaakt toevoegsel betreft. Beslissend is het feit dat de antioxidant geen oorspronkelijke bestanddeel van het product is.
Tot de natuurlijke antioxidanten behoort in eerste instantie vitamine C (ascorbinzuur), welke zich in veel citrusvruchten kan vinden en een van de meest voorkomende natuurlijke toevoegsels in voedingsmiddelen (E300) is. Eveneens worden antioxidanten gevonden in noten en olien, die tot de groep vitamine-E-rijke voedingsmiddelen kunnen worden gerekend. Antioxidatieve werking van carotenoïden behoort echter tot de groep secundaire plantenstoffen en komt in fruit- en groentesorten voor. Vooral het toevoegen van beta-carotene is vaak te zien in voedingsmiddelen.
Kunstmatige antioxidanten zijn overwegend gallaten, die aan oliën of margarines worden toegevoegd om ranciditeit te voorkomen. Hierbij moet worden opgemerkt dat niet-natuurlijk voorkomende stoffen een aanzienlijk groter risico vormen voor gezondheidsletsel - zo kan het overmatige consumptie van voedingsmiddelen met toevoegsel propylgallat (E310) soms levensbedreigende cyanose veroorzaken.
In de Europese Unie zijn momenteel ongeveer 300 gecodeerde E-nummers - waaronder 20 natuurlijke en kunstmatige antioxidanten - toegestaan en kunnen ze dus in alle voedingsmiddelen aanwezig zijn. Hoewel er grondig gezien een gezondheidsonbenadelende aspect bestaat bij deze stoffen, moet worden rekening gehouden met het feit dat consumenten soms allergisch kunnen reageren op bepaalde antioxidanten. Om de transparantie voor de koper te verhogen en de consumentenschutz te waarborgen, zijn er momenteel tal van internetplatformen waarop E-nummers onderzocht kunnen worden.